PARAMARIBO — De Stichting Arbeidsmobilisatie en Ontwikkeling (SAO) ontving op Srefidensidag de minister-president van Nederland, Dick Schoof. Tijdens zijn bezoek stond het vakmanschap van de cursisten centraal, die een traditionele Surinaamse volkswoning in miniatuurvorm hebben gebouwd.
Met het miniatuurproject vergroten de cursisten hun kansen op werk in de sector van het Surinaams gebouwd erfgoed. Tegelijk leveren zij een bijdrage aan het behoud van de monumentale houten gebouwen in de historische binnenstad van Paramaribo. De minister-president kreeg uitleg over de specifieke kennis en vaardigheden die de cursisten hebben opgedaan, waarmee zij als assistenten kunnen meewerken aan restauratieprojecten. Zulke expertise is hard nodig, omdat veel monumentale panden dringend moeten worden opgeknapt.
Oso Tori Oso als voorbeeldproject
Tijdens het bezoek stond Oso Tori Oso centraal, een houten miniatuurhuis gebaseerd op een volkswoning aan de Mahonylaan. Het werd gebouwd door cursisten van de afdelingen Bouw, Machinale Houtbewerking, GaWaSa en Lassen. Het project is onderdeel van een doorlopend initiatief van de Nederlandse stichting Under the Blue Surface (UBS), in samenwerking met onder andere SAO en NAKS. Het richt zich op de unieke Surinaamse bouwwijze en de verhalen achter de houten volkswoningen die steeds zeldzamer worden in Paramaribo. Het leertraject van de SAO vormt een vast onderdeel van deze samenwerking.
Het project kreeg financiële ondersteuning vanuit het Nederlands Internationaal Cultuurbeleid. Het miniatuurhuis staat permanent op het terrein van de SAO en fungeert als tastbaar voorbeeld van het soort houten volksgebouwen dat in de 19e en 20e eeuw veelvoorkomend was in Paramaribo. Eerder werd het huis op verschillende locaties in de stad tentoongesteld en trok het veel belangstelling.
Uitwisseling
Onderminister Raj Jadnanansing van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid ontving de Nederlandse premier en benadrukte het belang van verdere samenwerking tussen Nederlandse instellingen en de SAO. Hij gaf aan dat deze samenwerking mogelijkheden biedt voor nieuwe gezamenlijke projecten en sprak de wens uit om uitwisselingsprogramma’s op te zetten tussen Surinaamse en Nederlandse vakopleidingen. Volgens hem zijn stage- en uitwisselingsmogelijkheden voor studenten uit beide landen waardevol voor het versterken van hun vakbekwaamheid.
SAO-directeur Joyce Lapar blikte terug op eerdere samenwerkingen met Nederlandse organisaties en gaf aan dat zij binnen het leerproject graag meer miniatuurhuizen wil realiseren, waaronder een replica van het voormalige woonhuis van Anton de Kom. Ze hoopt hierbij op ondersteuning van onder meer de Nederlandse ambassade en pleit voor het nieuw leven inblazen van twinningsprojecten tussen Suriname en Nederland. Premier Schoof gaf aan dat de SAO binnen de bilaterale samenwerking nadrukkelijk in beeld blijft.