Dit jaar herdenken wij dat de slavernij 149 jaar geleden door koning Willem III werd afgeschaft. Geschiedenisboeken melden dat in de kolonie Suriname de dag begon met kanonschoten en dat de ex-slaafgemaakten zich klaarmaakten om naar de kerk te gaan om de koning te danken voor hun vrijheid. Paradoxaler kan het niet zijn! \
In dit artikel wordt in een notendop de roep om erkenning van de slavernij belicht zoals die zich in Nederland heeft ontwikkeld. Uiteraard is deze ontwikkeling onlosmakelijk verbonden met de erkenning in Suriname. \
Hoe begon het? Er is tegenwoordig veel aandacht voor het slavernijverleden. Zo is in Nederland door de Tweede Kamer 2023 uitgeroepen als nationaal herdenkingsjaar. Het is dan 150 jaar geleden dat de slavernij in Suriname en op de Nederlandse Antillen, tien jaar na de periode van het Staatstoezicht, ook werkelijk ophield te bestaan. In het Nederlandse regeerakkoord staat ook dat er een Slavernij museum komt in Amsterdam. Dat is de vrucht van jarenlang activisme vanuit de Afro-Surinaamse en -Caribische gemeenschap. \
Bestudering van de Nederlandse slavernij De bestudering van het Nederlandse aandeel aan de trans-Atlantische slavernij werd in Nederland slechts door universiteiten gedaan. Volgens Henk den Heijer, emeritus-hoogleraar zeegeschiedenis aan de Universiteit Leiden, is dit enerzijds te verklaren doordat de herinnering aan het slavernijverleden na 1863 gauw 'uit het Nederlandse collectieve geheugen was verdwenen' en anderzijds door het beperkte aantal afstammelingen van slaven in Nederland. \
Den Heijer (2021) legt uit dat de Vereniging Ons Suriname, die in 1919 was opgericht met het doel de band tussen Surinamers in Nederland te bevorderen, na de Tweede Wereldoorlog jaarlijks op 1 juli een feestelijke herdenking van de afschaffing van de slavernij in Amsterdam organiseerde. Pas na de massale exodus van Surinamers naar Nederland begon de roep om meer publieke aandacht voor het slavernijverleden. De grote groep Surinamers en Antillianen (ruim een kwart miljoen), die zich in Nederland in de jaren negentig van de vorige eeuw succesvol hadden gevestigd, vroeg steeds om meer aandacht voor het slavernijverleden van Nederland, terwijl in de ex-koloniën van Nederland de herinnering aan de slavernij altijd aanwezig is geweest: 1 juli werd elk jaar herdacht en in de Suriname geschiedenisboeken, vooral na de onafhankelijkheid van Suriname, werd het thema slavernij opgenomen in de onderwijscurricula. \
Politisering 1 juli In 1997 begon de politisering, zoals Den Heijer dat noemt, van Ketikoti door op 30 juni een herdenking te houden voor de slachtoffers van slavernij op de plaats waar de 4 en 5 mei-herdenkingen (ter gelegenheid van de Nederlandse oorlogsslachtoffers en de bevrijding) in Nederland worden gehouden. Ook werd de stichting Eer en Herstelbetalingen Slachtoffers van Slavernij in Suriname opgericht. Deze stichting zorgde voor een uitgebreide discussie over het oprichten van een nationaal slavernijmonument dat uiteindelijk kwam, ontworpen door de Surinaamse kunstenaar Erwin de Vries. Op 1 juli 2002 werd in het Amsterdamse Oosterpark het Nationaal Monument Slavernij onthuld. Sindsdien is het park de plek waar jaarlijks op 1 juli het slavernijverleden wordt herdacht. In Suriname begonnen eveneens discussies over herstelbetalingen. Suriname\
In 2010 schreef Armand Zunder het boek Herstelbetalingen: De Wiedergutmachung voor de schade die Suriname en zijn bevolking hebben geleden onder het Nederlands kolonialisme. Het belicht de studie van de econoom Armand Zunder over het best bewaarde geheim in de koloniale geschiedenis: de wijze waarop Nederland heeft geprofiteerd van zijn kolonie Suriname. Deze studie zou wel eens voorgoed de visie op de geschiedenis van Suriname kunnen veranderen en de basis vormen voor het herschrijven van de geschiedenisboeken in het onderwijs, meldt de website https://lise.nl/publicaties/armand-zunder. \
Het Surinaamse nationaal comité Slavernijverleden wil dat er middels dialoog verandering wordt gebracht in de positie van de nazaten van tot slaaf gemaakten. Siegmien Staphorst, voorzitter van de adviescommissie van het nationaal comité, haalde bij de proclamatie van dit comité in maart 2022 aan dat het comité de Afro-Surinaamse beweging de gelegenheid biedt betekenisvolle inhoud te geven aan de herdenking van de afschaffing van de slavernij. Maar daarnaast biedt het de gelegenheid om door gezamenlijk optreden doelen te bereiken die in het belang zijn van de verbetering van de positie van Afro-Surinamers (www.keynews.sr). \
Nieuwe inzichten De Leidse historicus Fatah-Black, expert op het gebied van het Atlantische slavernijverleden, publiceerde in 2021 het boek Slavernij en beschaving. Geschiedenis van een paradox. Hij verzet zich tegen het klassieke verhaal over slavernij, zoals door Piet Emmer en Henk den Heijer wordt verteld. Deze Nederlandse historici negeren de zwarte strijd voor afschaffing van de slavernij; in essentie zou de westerse beschaving gericht zijn op vrijheid, dus gericht tegen slavernij. Binnen deze context is de afschaffing van de slavernij zelfs een westerse verdienste, meent Fatah-Black. Slavernij is diep geworteld in onze beschaving. Rond de Atlantische oceaan zijn er nog ongeveer 200 miljoen mensen die zichzelf identificeren als nazaten van de slavernij. (https://www.youtube.com/watch?v=KSiiupHBFIM) \
Het blijkt dat een nieuwe generatie historici zoals Fatah-Black niet enkel naar slavernij kijkt vanuit nationaal oogpunt of economisch belang van compagnieën, maar probeert de geschiedenis ook vanuit de kant van de tot slaaf gemaakten te beschrijven wat bevorderlijk is voor de roep om erkenning. Deze roep vindt ook in Suriname plaats. Zo benadrukte Staphorst bij de oprichting van het nationaal comité Slavernijverleden in maart 2022 het belang van een aantal aspecten zoals het voeren van een gericht beleid met betrekking tot de wetgeving, het verrichten van wetenschappelijk onderzoek naar het slavernijverleden, inclusief het inheemse slavernijverleden, structurele verbetering van de financiële positie van achtergestelde nazaten van de tot slaaf gemaakten, duurzaam overleg in organisatieverband met de inheemse en Afro-Surinaamse gemeenschap, het teruggeven van rechten aan Surinaamse onteigende plantage-eigenaren. Kortom, het doel is dat met deze maatregelen een aanvang wordt gemaakt om in georganiseerd verband vanuit de positie van de nazaten van de tot slaaf gemaakten nieuw beleid te ontwikkelen. \
Noten:
- https://www.historischnieuwsblad.nl/redder-van-de-slaven/, geraadpleegd op zaterdag 4 juni 2022
- Leendert van der Valk, De vroegste slavernij, deel I Jongens van goeden begrijpe in: De Groene Amsterdammer, nummer 24, 22 juni 2022
- Den Heijer H. (2021), Nederlands slavernijverleden. Historische inzichten en het debat. Zutphen: Uitgeversmaatschappij Walburg Pers.
- Fatah-Black, K. (2021), Slavernij en beschaving. Geschiedenis van een paradox. Anthos/Ambo.
- https://keynews.sr/dialoog-moet-positie-nazaten-tot-slaaf-gemaakten-verbeteren/2022/, geraadpleegd op 28 juni 2022.