Koto Museum viert tienjarig jubileum met bigi sma

Curator Christine van Russel-Henar drapeert een nieuwe angisa als schouderdoek bij een paspop. De angisa is speciaal ontworpen in verband met het tienjarig jubileum van het Koto Museum. Foto: Jason Leysner

PARAMARIBO – Het is alweer tien jaar geleden dat het Koto Museum de deuren opende. Dit heugelijk feit wil het museum niet ongemerkt voorbij laten gaan. Immers, het afgelopen decennium is het museum – dat bekendstaat om de expositie van en onderzoek naar de koto en de angisa (hoofddoek) – steeds gegroeid. “Dit hebben we allemaal te danken aan onze bigi sma’s. Zij hebben ervoor gezorgd, dat wij een heleboel intellectueel erfgoed van hen hebben kunnen erven.”

Curator Christine van Russel-Henar is met name dankbaar voor de verhalen die een belangrijke bijdrage leverden bij de totstandkoming van een angisa-tori-boek. “Tot heden kan ik ze benaderen voor advies hoe verder met dit cultureel erfgoed te gaan”, zegt Christine van Russel-Henar over eerder genoemde bigi sma’s. In verband met het jubileumjaar heeft het museum tal van activiteiten in de planning. Op 21 november, de feestdag zelf, worden de ouderen in de schijnwerpers geplaatst met een Bigi Sma Dey.

Van Russel blikt heel tevreden terug op de afgelopen tien jaren. In 2009 opende zij samen met haar kleindochter, Kaya, het museum dat toen nog aan de Paltan Tewariweg gevestigd was. Spanning alom: de curator had tien jaar lang naar dat moment van de officiële opening toegewerkt. De koto- en angisa-verzameling die ze grotendeels van haar moeder erfde, moest ze eerst inventariseren.

Met wijlen haar echtgenoot Carlo van Russel, werkte ze samen aan een ontwerp van het museum dat aan de voorkant van haar woonadres werd gebouwd. Het museum kreeg de zeer toepasselijke naam A Gudu Oso: de collectie vormt een ware rijkdom van grote historische waarde.

Het oudste kostuum dateert uit het jaar 1889. Vanwege de afstand en de drukke files besloot ze uit te kijken naar een ander pand. Vanaf 2015 staat het museum op het huidige adres: Prinsessestraat 43. “Sinds we naar dit monumentale pand zijn verhuisd, is het bezoekersaantal alleen maar toegenomen”, zegt Van Russel.

Het nieuwe pand is ook groter, waardoor naast de tentoonstellingen ook diverse andere activiteiten kunnen worden georganiseerd, zoals lezingen, discussieavonden en workshops. Het museum bood daarnaast een andere nieuwigheid aan: bezoekers konden zich vanaf dat moment in de ‘oude’ klederdracht laten fotograferen.

“Studenten vanaf de mulo tot de universiteit komen met allerlei vragen. Veelal gaat het niet alleen om informatie over de klederdracht zelf, maar ook over de cultuur. Wat is een aitidei, hoe doe je een singi neti, hoe werden mensen vroeger begraven. Hoe werd een fosten kotodansi gehouden? Mensen worden uitgenodigd voor een kotofeest en stappen bij ons binnen voor advies”, zegt de curator.

De koto staat momenteel in de schijnwerpers bij de Grote Suriname Tentoonstelling van De Nieuwe Kerk in Amsterdam en vanaf december 2019 in het Klederdrachtmuseum Amsterdam.

Bron