Hier is ie dan….. de nieuwe nieuwsbrief van Amem leden

Hier is ie dan….. de nieuwe nieuwsbrief

Hier is ie dan….. de nieuwe nieuwsbrief waarop u als Amem leden lang heeft moeten wachten.

Namens het bestuur van Amem ben ik dan ook trots en verheugd  om, na een periode van afwezigheid, u deze nieuwe nieuwsbrief te mogen aanbieden.

Door het uitgeven van deze nieuwsbrief geven wij als bestuur blijk van het feit dat wij de periode, waarin wij te kampen hebben gehad met interne organisatorische – en externe factoren, achter ons hebben gelaten en de draad weer hebben opgepakt om Amem bij u weer op de kaart te zetten..

Het huidig bestuur is, gezien het in ons gestelde vertrouwen, voortvarend te werk gegaan om onze administratieve organisatie op orde te krijgen. Het eerste resultaat van onze actie is deze nieuwsbrief. Als tweede zult u binnenkort, net als voorheen, periodiek weer financiële overzichten ontvangen waarin u geïnformeerd wordt omtrent c.q. inzake de hoogte van uw inleg.

Het opschonen van het ledenbestand wordt nu ook voortvarend ter hand genomen teneinde informatie te krijgen over de actieve en niet-actieve leden van Amem. U merkt het; Amem is in beweging, het bestuur is in beweging en samen met u willen wij deze beweging voortvarend voortzetten.

Wat kunt u de komende periode  nog meer van ons verwachten:

Zoals u bekend is Amem een spaarcoöperatie met als voornaamste doel u  te stimuleren om door actief te sparen te bouwen aan een stabiele financiële toekomst. Dit zullen wij doen door een aantal diensten en producten aan u voor te leggen. Wat dacht u van:

  • De ‘spaarchallenge’: een systeem waarbij u uitgedaagd zult worden om nog bewuster te sparen waaraan een prijs verbonden zal zijn.
  • Een Ledenwervingscampagne: ons groot offensief, waarbij wij uw steun en inzet hard nodig zullen hebben om het aantal leden drastisch te verhogen tot het respectabele aantal van 2.500 te bereiken in 2021.
  • Het kousenbandproject: U als leden stellen wij in de gelegenheid groenten in te kopen tegen een prijs welke lager ligt dan de prijs in de supermarkt/ Toko.

Kortom; Amem is in beweging en om in beweging te blijven hebben wij van u als trouwe Amem leden (de stonfutu) de inzet, steun, expertise en enthousiasme hard nodig om de verschillende uitdagingen aan te gaan teneinde Amem, in de toekomst, een economische factor van betekenis te laten zijn ten behoeve van onze gemeenschap. Want, door samen te sparen bouwen wij aan de toekomst van onze kinderen en kindskinderen.

Als bestuur zijn wij er klaar voor en met uw steun en inzet zien wij de spaartoekomst met vertrouwen tegemoet.

Namens het bestuur wens ik u veel leesplezier toe en uw ideeën dan wel aanbevelingen zien wij graag tegemoet. Samen Sparen, bouwt  Een Toekomst.

Namens het bestuur van Amem

Kenneth Brammerloo

Voorzitter

Book Review: ’Dead aid, Why aid is not working and how there is another way for Africa ’ – Dr. Dambisa Moyo

‘Dead Aid’ van Dr Dambisa Moyo zou het best omschreven kunnen worden als ‘intellectueel’. Hiermee wordt bedoeld dat Dr. Moyo dit werkt lijkt te hebben geschreven met haar academische collega’s en andere academici in gedachten.

Net als de review van ‘The Capitalist Nigger’ van Dr. Onyeani, zal ook ‘Dead Aid’ worden beoordeeld langs de dimensies van inhoud, toon en relevantie.

De inhoud

‘Dead Aid’ is een grondige analyse van de (macro) economische situatie waarin het leeuwendeel, indien niet alle Afrikaanse landen zich bevinden. In deze analyse wordt ingegaan op en uitgelegd welke sociale, politieke en maatschappelijke gevolgen deze situatie heeft op het leven in deze landen.

Bij het uitvoeren van deze analyse, straalt niet alleen de academische achtergrond van Dr. Moyo door, maar ook haar ervaring in de wereld van het zakenbankieren. Dit blijkt uit haar koppeling van een erg systematische opbouw en praktisch oplossingsmodellen met onderbouwing (allemaal makkelijk na te trekken).

Haar analyse geeft een overzicht van wat Aid, ontwikkelingshulp, precies is. De verschillende vormen van ontwikkelingshulp, de oorsprong van het ontwikkelingshulpdenken en hoe ontwikkelingshulp op basis daarvan zich steeds heeft aangepast aan de veranderde inzichten.

Dr. Moyo legt hierna haarfijn uit waarom haar boek ‘Dead Aid’, dode hulp (of misschien zelfs beter gezegd; dodende hulp). Met het gemak van iemand die het onderwerp volledig in de vingers heeft, legt ze uit hoe de ontwikkelingshulp het gezonde politieke proces in een land ondermijnd, de gevolgen daarvan op de economie en het leven van burgers uiteindelijk.

Na de analyse draagt Dr. Moyo systematisch uit hoe in haar beleving de economie van een Afrikaans land, beschadigd door deze vorm van ontwikkelingshulp, weer op de rit gekregen kan worden. Ze bediend zich hierbij van verschillende voorbeelden en een heel arsenaal van historische marktgegevens om haar strategie te onderbouwen.

In het aanreiken van oplossende strategieën schuwt Dr. Moyo het voorstellen van het controversiële niet. Zij is duidelijk erg geoefend in onconventioneel denken en maakt hier haast met moedwillige onverschilligheid gebruik van, wars van wat anderen zouden kunnen denken over hoe ver ze bereid is te gaan.

De toon

De algemene toon van ‘Dead Aid’ is een optimistische en strijdbare. Dr. Moyo legt op een zakelijke, bijna klinische manier de vinger op de zere plek, zonder daarbij verbitterd over te komen. Dit ondanks het feit dat ze behoorlijk wat voorbeelden aanhaalt, over situaties die zich in haar beleving niet hoefden te ontstaan, maar toch voortduren.

De optimistische en strijdbare toon schijnt voort te komen uit haar onwrikbaar geloof, meer nog overtuiging dat hoewel de situatie nijpend is, het absoluut te corrigeren is door de Afrikaan zelf. In die zin is de toon ronduit revolutionair. Dr. Moyo ziet het niet als mogelijk, maar als gegeven dat de Afrikaanse naties in staat zijn om binnen afzienbare tijd zichzelf te bevrijden uit de permanente staat van armoede die niet lang na het tijdperk van het kolonialisme is begonnen.

De toon van ‘Dead Aid’ is in die zin besmettelijk. De haast achteloze manier waarop een probleem, dat al decennia lang bestaat, wordt ontleed is aanstekelijk. “We kunnen dit hebben, we kunnen dit doen, al moeten wij daarvoor dingen doen waar anderen niet over durven na te denken, we doen het gewoon”.

Op een rare manier lijkt de toon op de geestelijke opsomming van een volk dat al generaties tot het uiterste wordt gedreven, maar na dit alles de weg uit de situatie niet uit het oog is verloren.

De relevantie

De beelden over donker gekleurde vluchtelingen die de Europese enclaves in Noord-Afrika bestormen en op gammele bootjes de oversteek wagen naar het ‘beloofde land’, spreken boekdelen over de relevantie van dit boek dat intussen al acht jaar terug is verschenen.

Raar genoeg is ‘Dead Aid’ niet alleen relevant voor de zwarte mens die in Afrika probeert om een natie weer op de rails te krijgen. De relevantie reikt ook naar ons wonend in de ‘ontwikkelde’ wereld. Dezelfde mechanismen die ontwikkelingshulp funest maken voor de economie van een Afrikaans land, maken subsidies funest voor Afro gemeenschappen en organisaties hier in Europa/Nederland.

Macro of micro niveau maken hierbij weinig uit. Financiële geldstromen die van buiten de (zwarte) gemeenschap komen, als aalmoes bedoeld, horen anathema te zijn. Niet uit trots alleen, maar meer nog uit lijfsbehoud en begrip van de overal aanwezige en geldende natuurwetten. Zij die deze wetten overtreden, worden door de natuur tot de dood veroordeeld.

DE BEZETTING BIJ BEVERWIJK De kracht van de Afro reeks

Op een mooi nazomerse dag in Amsterdam Zuid-Oost, van de laatste zonnestralen van het seizoen gebruikmakend om de vitamine D voorraden aan te vullen, valt je zo het een en ander op. Terwijl je met vrienden zit te praten, overleggen en discussiëren kijk je om je heen. Zonder er direct bij stil te staan neem je het langslopend volk in je op.

De Afro broeders, van wie een behoorlijk percentage duidelijk erg bekend zijn met regelmatig sportschool bezoek (jammer genoeg vergeten heel wat de benen daarbij, maar dat is een onderwerp voor misschien een andere keer) en de Afro zusters. De zusters.

De zusters verdienen het dat er een speciale nieuwe alinea wordt aangemaakt voordat we verder gaan. Het valt je op hoe ze op verschillende manieren schoon zijn, hoe ze gekleed gaan, wat de kwaliteit van hun kleding is en hun accessoires (op een normale zaterdag middag), wat hun kleding wel en/of niet bedekt en hun haar. Hun haar.

Voor de zeldzame vreemdeling in Jeruzalem, zullen wij even uiteenzetten hoe Afro haar en in het bijzonder dat van de Afro zusters wordt gedragen. Je hebt naturel, chemische behandeld en je hebt “aangevuld”.

Op het oog krijg je op die mooie zomerse dag in Amsterdam Zuid-Oost het gevoel dat het grootste deel van de zusters die jouw gezichtsveld in en uit gaan, hun haar hebben aangevuld. De grootste groep daarna is die hun haar chemisch hebben behandeld en een kleine maar toch trots aanwezige groep draagt het naturel (Of dat nu in een woeste Afro is, een bescheiden Afro, gevlochten, in gevlochten of gedraaid, enz. is)

Nu ben je lid van AMEM en bij het zien van dit alles, heb je het weer zonder dat je het direct door hebt, je mentale rekenmachine van stal gehaald. Van dat soort van vroeger die men op de financieel administratieve afdelingen bij instanties en in bedrijven gebruikte. Met van die grote toetsen, waar je toch geen fouten mee maakt, zelfs als je van die wat dikkere vingers hebt.

En je slaat aan het rekenen. Die berekening levert resultaten op die je gewoon niet wil accepteren, dus ga je naar huis en ga je wat meer wetenschappelijk geënt onderzoek doen.

De markt

We geven procentueel meer uit aan alles dan iedereen, maar aan etno-specifieke haarproducten (haarproducten speciaal gemaakt voor Afro haar), is dat bijvoorbeeld in de VS negen maal (9x) meer dan de rest van de bevolking.

In de VS geeft de Afro bevolking in 2018 rond de  $3 miljard uitgegeven aan hun haar. In Engeland was dat ongeveer $1,6 miljard (80% van de totale markt). Voor Nederland met z’n populatie van ongeveer 700.000 Afro zielen (dit moeten we nog een keer zelfs gaan onderzoeken), kan dat met een vrij simpele berekening ook redelijk worden geschat.

In de VS is de Afro bevolking 14% van het geheel (327,2 miljoen is het totaal). Dat is dan ongeveer 49 miljoen mensen. Die hebben ongeveer $3 miljard aan hun haar uitgegeven. Dat is gemiddeld zo’n $61 per persoon voor 2018. (het is natuurlijk wat scheef aangezien de zusters een groter deel voor hun rekening nemen per persoon). In Engeland, waar wij met iets meer dan 2 miljoen zijn, besteden wij ongeveer $1,6 miljard aan ons haar. Dat is gemiddeld $800 per persoon in 2018.

Op het sociaal economisch gebied zijn wij in Nederland als groep dichterbij onze mensen in Engeland als in de VS. Laten wij op grond daarvan ervan uitgaan dat wij ook $800 per persoon in 2018 aan ons haar hebben uitgegeven. Dat is op een groep van 700.000 man, $560 miljoen. Omgerekend ongeveer €512 miljoen.

Bezetting

Een markt van rond de €512 miljoen in Nederland voor op Afro haar geënte producten. Aan de ene kant mag je er best trots op zijn dat wij blijkbaar dit vermogen bezitten en uit kunnen geven aan onze presentatie. Daarna bekruipt de vraag als AMEM lid je; “Hebben wij deze markt in handen? “. En indien dat niet met ja beantwoord kan worden; “Wie dan wel?”.

In de VS is de markt voor afro haarproducten voor 60 – 80% in handen van Zuid-Koreaanse ondernemers (en het overgrote deel van de producten komt uit India en China). In Engeland zijn het de “South Asians” die de markt domineren en in Frankrijk zijn het de “Arabs and Pakistani’s”. De Nederlandse situatie is uit onze eigen ervaring niet veel beter.

Stel dat wij te maken hebben met een dominantie van 80% in Nederland (het is waarschijnlijk meer), dan vertaalt dat zich in een vermogen van ongeveer €410 miljoen die wij waarschijnlijk genereus hebben gedoneerd aan een ander etnisch economisch blok 2018.

Wij kunnen dus met recht zeggen dat er hier sprake is van een serieuze bezetting in ons economisch leven. Jammer genoeg is dat niet de enige maar één waar wij misschien iets sneller wat aan kunnen doen.

Natuurlijk zijn er de zusters die hierop trots erop wijzen dat zij reeds de overstap hebben gemaakt naar het naturel dragen van hun haar. Hiervoor verdienen zij ons respect, maar wij moeten ons niet in slaap laten sussen en alert blijven. Het moeder bedrijf van het in 1991 Afro opgerichte Shea Moisture, Sundial Brands werd in 2017 overgenomen door onze “eigen” Unilever. L’Oréal kocht in 2014 het in 1993 Afro opgerichte Carol’s Daughter. En andere spelers van gelijke grootte zoals Proctor & Gamble, met hun Pantene’s Gold Series Collection betreden de markt.

Bedrijven opzetten om onze eigen behoeften te voorzien is de eerste die genomen moet worden. We moeten die bedrijven daarna ook in ons bezit houden. In de jaren 60 was het Afro Jamaicaanse miljoenen bedrijf Dyke & Dryden, de dominante retailer als het ging om haarproducten voor de Afro markt in Engeland. Tot die in de jaren 90 werd overgenomen door SoftSheen Carson.

 

 

Overdenking

Na dit alles even in je op genomen te hebben, kom je tot de conclusie dat er op die mooie nazomerse dag toch niet stiekem wat alcohol in je gemberbier had gezeten. En het viel best wel mee met de hoeveelheid Borgoe dat er aan het recept van het vlees was toegevoegd. De grove berekeningen die je samen met je broeders daar op de bank in de zon had zitten maken, waren helemaal zo gek nog niet.

In het boek Roots van Alex Haley, is er een scene waarbij de moeder van Kunta Kinte met veren in haar haar rond paradeert waar er goudkorrels in zijn gestopt. Spreekwoordelijk is er in die zin niet veel veranderd. Vooral onze zusters lopen vaak met een fortuin op hun hoofd. Niks mis mee. Zolang het fortuin maar binnen onze eigen Afro economie blijft. Het is zaak dat wij de bezetting bij Beverwijk gaan zien voor wat het is en er wat aan gaan doen.

Bron