Surinaamse musicalacteur speelt eerste hoofdrol

De Surinaamse musicalacteur Juneoer Mers. Foto: Marlon Henry

PARAMARIBO – De Surinaamse musicalacteur Juneoer Mers speelt Ike Turner in ‘The Tina Turner Musical’. “Mijn eerste hoofdrol is een feit! Ik heb hard gewerkt om hier te komen, maar we zijn er nog niet. Ik ervaar het natuurlijk ook als een blessing. En ik waardeer dat ik mezelf nu op een andere manier kan neerzetten, waardoor ik anderen al is het maar een beetje kan inspireren”, reageert Mers tegenover de Ware Tijd.

Hij zegt de komende maanden te gebruiken om zich te verdiepen in het leven van Tina en Ike Turner. De rol van Ike is op zijn lijf geschreven. “Haha het zou wat zijn als die rol niet op m’n lijf geschreven zou zijn, aangezien Ike gezien wordt als een gewelddadige man, maar ik kan me wel goed voorstellen hoe ze geleefd hebben en de kunst is natuurlijk om dat zo goed mogelijk in de show te laten zien.”

Hiervoor had Mers in de musical ‘The Lion King’ gespeeld als Banzai, één van de drie hyena’s onder Scar. Mers is bij velen bekend als zanger ‘Baby’ van de entertainmentgroep 2FamousCRW.

De Nederlands-Surinaamse musicalactrice Jeannine la Rose speelt ook in ‘Tina Turner Musical’ als Gran Georgeanna (GG, de oma van Tina). De musical ‘Tina – De Tina Turner Musical’ zal vanaf februari 2020 in het Beatrix Theater in Utrecht, Nederland te zien zijn. Het wordt door Stage Entertainment Nederland geproduceerd. De show vertelt het levensverhaal van Turner dat begon in Nutbush, Tennessee, waarna ze wordt gevolgd in haar carrière.

Bron

Koto Museum viert tienjarig jubileum met bigi sma

Curator Christine van Russel-Henar drapeert een nieuwe angisa als schouderdoek bij een paspop. De angisa is speciaal ontworpen in verband met het tienjarig jubileum van het Koto Museum. Foto: Jason Leysner

PARAMARIBO – Het is alweer tien jaar geleden dat het Koto Museum de deuren opende. Dit heugelijk feit wil het museum niet ongemerkt voorbij laten gaan. Immers, het afgelopen decennium is het museum – dat bekendstaat om de expositie van en onderzoek naar de koto en de angisa (hoofddoek) – steeds gegroeid. “Dit hebben we allemaal te danken aan onze bigi sma’s. Zij hebben ervoor gezorgd, dat wij een heleboel intellectueel erfgoed van hen hebben kunnen erven.”

Curator Christine van Russel-Henar is met name dankbaar voor de verhalen die een belangrijke bijdrage leverden bij de totstandkoming van een angisa-tori-boek. “Tot heden kan ik ze benaderen voor advies hoe verder met dit cultureel erfgoed te gaan”, zegt Christine van Russel-Henar over eerder genoemde bigi sma’s. In verband met het jubileumjaar heeft het museum tal van activiteiten in de planning. Op 21 november, de feestdag zelf, worden de ouderen in de schijnwerpers geplaatst met een Bigi Sma Dey.

Van Russel blikt heel tevreden terug op de afgelopen tien jaren. In 2009 opende zij samen met haar kleindochter, Kaya, het museum dat toen nog aan de Paltan Tewariweg gevestigd was. Spanning alom: de curator had tien jaar lang naar dat moment van de officiële opening toegewerkt. De koto- en angisa-verzameling die ze grotendeels van haar moeder erfde, moest ze eerst inventariseren.

Met wijlen haar echtgenoot Carlo van Russel, werkte ze samen aan een ontwerp van het museum dat aan de voorkant van haar woonadres werd gebouwd. Het museum kreeg de zeer toepasselijke naam A Gudu Oso: de collectie vormt een ware rijkdom van grote historische waarde.

Het oudste kostuum dateert uit het jaar 1889. Vanwege de afstand en de drukke files besloot ze uit te kijken naar een ander pand. Vanaf 2015 staat het museum op het huidige adres: Prinsessestraat 43. “Sinds we naar dit monumentale pand zijn verhuisd, is het bezoekersaantal alleen maar toegenomen”, zegt Van Russel.

Het nieuwe pand is ook groter, waardoor naast de tentoonstellingen ook diverse andere activiteiten kunnen worden georganiseerd, zoals lezingen, discussieavonden en workshops. Het museum bood daarnaast een andere nieuwigheid aan: bezoekers konden zich vanaf dat moment in de ‘oude’ klederdracht laten fotograferen.

“Studenten vanaf de mulo tot de universiteit komen met allerlei vragen. Veelal gaat het niet alleen om informatie over de klederdracht zelf, maar ook over de cultuur. Wat is een aitidei, hoe doe je een singi neti, hoe werden mensen vroeger begraven. Hoe werd een fosten kotodansi gehouden? Mensen worden uitgenodigd voor een kotofeest en stappen bij ons binnen voor advies”, zegt de curator.

De koto staat momenteel in de schijnwerpers bij de Grote Suriname Tentoonstelling van De Nieuwe Kerk in Amsterdam en vanaf december 2019 in het Klederdrachtmuseum Amsterdam.

Bron

Mungroo, oud-voorzitter Schrijversgroep ’77, heengegaan

Oud-voorzitter van de Schrijversgroep ’77, Albert Mungroo, is heengegaan. Hij werd 88 jaar. Vanavond wordt de singi neti gehouden in het CLO-gebouw. De uitvaart vindt zaterdag plaats.  “Albert Mungroo was een rustig en bedachtzaam iemand, heel gelovig en spiritueel,” zegt dichter S. Sombra (Stanley Slijngaard). “In nog geen jaar tijd hebben we weer één van onze schrijvers/cultuurdragers van weleer verloren.”
Mungroo werd op 8 maart 1931 te Burnside in het district Coronie geboren. Hij studeerde wiskunde en economie in Nederland en was districtscommissaris van Brokopondo en Coronie, leraar en directeur van Bruynzeel Suriname Houtmaatschappij. Hij schreef voornamelijk lyrische poëzie. Enkele bundels: Sranan boetjeti (1970), Pe Sranan bigin (1975), Een zucht uit het hart (1982), Savannebloem (1991) en Visioenen uit de wind (1995).
Albert Mungroo was van 1982 tot en met 1987 de derde voorzitter van de Schrijversgroep ’77, na Frank Martinus en Mechtelly Tjin A Tsie. Ondanks de turbulente periode waarin hij de voorzittershamer hanteerde, heeft hij samen met het toenmalige bestuur, waarin ook zitting hadden Frits Wols en S. Sombra veel gedaan om de literaire vlam brandende te houden.
Elke maand werd een lezing gehouden door prominenten uit de literaire en culturele wereld uit binnen- en buitenland. “We hadden geen vaste plek en hielden de lezingen daarom vaak op de bovenverdieping van een gebouw aan het begin van de Sophie Redmondstraat; het directoraat Cultuur had daar de verdieping gehuurd en we mochten er gebruik van maken. Ook hielden we onze lezingen in de foyer van Thalia en daar is toen het contact gelegd met beheerder van de bar, Osje Braumuller, van het latere Tori Oso. Ook hielden we ‘meet the people’ ontmoetingen op de stoep van het ministerie van Financiën en bij Krasnapolsky, waar we samen met onze voorzitter Mungroo voordrachten hielden en onze bundels presenteerden,” blikt Sombra terug. De Schrijversgroep ’77 condoleert de familie en nabestaanden van Albert Mungroo.

 

Stones Have Laws is een uniek portret van de Surinaamse Marrons ★★★★☆

Is het mogelijk om met een documentaire recht te doen aan het bestaan van een gemeenschap die op grote afstand leeft van de moderne samenleving, zoals de marrons in het regenwoud van Suriname? Kun je met relatief nieuwe technologie – een camera, een microfoon – een verhaal vertellen over mensen voor wie de dagelijkse realiteit bestaat uit eeuwenoude rituelen, de wijsheid van bosgeesten en de meteorologische kwaliteiten van vogels? Een groep waarin tegenwoordig, vooruit, een motorzaag wordt gebruikt in plaats van een bijl, maar voor wie de menselijke hang naar vooruitgang in het algemeen eerder een directe bedreiging vormt dan een zegen?

Het kan en het lukt, in de wonderlijke documentaire Stones Have Laws, die vorig jaar op het IDFA draaide, de komende weken landelijk in beperkte roulatie gaat en vanaf vandaag is te zien op het Nederlandse streamingplatform Picl.

Kunstenaarsduo Lonnie van Brummelen en Siebren de Haan maakte samen met de Surinaamse theatermaker Tolin Erwin Alexander een uniek portret van de Surinaamse marrons. Hun diepe band met de natuur, verhalen over Afrikaanse voorouders die als slaaf naar Suriname werden gebracht en de industriële wijze waarop de machines van gouddelvers hun veilige en heilzame thuishaven omploegen tot kraterlandschap: alles in Stones Have Laws krijgt de ruimte en vindt zo zijn natuurlijke plek.

Fascinerend hoe een documentaire die zo zichtbaar is geconstrueerd zo’n gevoel kan oproepen. Voor ze de camera oppakten, spraken de makers de makers uitvoerig met leden van de marrongemeenschap, om ze vervolgens te vragen in geënsceneerde scènes hun verhalen te vertellen. Hun intenties zijn niet slecht, zegt een van de marrons in het begin op de voice-over, maar voorouders en Goden moeten wél eerst tevreden worden gesteld voor de documentaireploeg aan de slag kan. Wie ooit wil uitleggen hoe je samen met je te bestuderen onderwerp een goede documentaire maakt, vindt in Stones Have Laws het schoolvoorbeeld.

Het samenspel tussen orale overleveringen, rituelen, theater en film zorgen voor verbazingwekkend originele en groots gefilmde sequenties. Drumritmes worden in de ondertiteling naar woorden vertaald en een nachtelijk gesprek bij een kampvuur wordt af en toe op afstand gefilmd, een beetje wiebelig uit de hand, waardoor het even lijkt alsof een van die veelbesproken bosgeesten tijdelijk bezit heeft genomen van de camera. Wanneer de gouddelvers in beeld komen, in een aantal scènes die aankomen als een mokerslag, is geen activistische blik nodig om hierin de nieuwste vorm van kolonialisme te ontwaren.

Zelden slaagde een documentaire er zo goed in de leefwereld en het bewustzijn van een geïsoleerd levende groep mensen zo goed en ogenschijnlijk volledig te omarmen.

Bron Volkskrant

Bezielde lijnen

Singi Konmakandra

Elke eerste zondag van de maand zal er een Singi Konmakandra zijn voor senioren.
Een aantal muzikanten komt dan met hun instrument en zal het gebeuren ondersteunen. Elke keer is er een andere muzikant.
De bedoeling is dat de senioren zelf ook liedjes aandragen die ze kennen. Dus denkt u van tevoren na…
Er is zeker ook ruimte voor “fosten tori”…
Komt u ook?

Locatie: Huize Margriet
Datum: zondag 6 oktober van 17.00-18.00 uur
Inloop 16.30 uur
Muzikant van de dag: Liesbeth Peroti

Zegt het voort.
Het zou fijn zijn als zoveel mogelijk mensen mee kunnen genieten…

Filmfestival Latino Americano Paramaribo

Toegangskaartjes kosten SRD 30,- per filmblok voor het Filmfestival dat van 30 sept t/m 4 okt gehouden wordt in Thalia, On Stage en het Tower Auditorium.

Het Straatfestival dat van 4 t/m 6 okt gehouden wordt in de Heerenstraat is elke dag gratis toegankelijk.

Kaartjes kunnen in de voorverkoop gekocht worden bij The Back Lot (op werkdagen tussen 09:00-15:00 uur) en op de dagen van de vertoningen vanaf 17:00-22:00 uur bij alle locaties waar de films vertoond worden (Thalia, On Stage en Self Reliance).

Drageman Dey blijft gezellig onder snikhete omstandigheden

Het is een en al gezelligheid, dansen met de doodskist, begeleidt door ‘live’ muziek. De Drageman Dey, een dag voor de dragers van doodskisten, is dit jaar op La Prosperité in Bersaba gehouden. Hoewel het geen wedstrijd was, hebben de veertien Drageman-groepen uit verschillende districten, stuk voor stuk alles gegeven wat ze in zich hadden. De grote winnaar is het publiek geweest, die met volle teugen heeft genoten van de show.
Het evenement is georganiseerd door de dragersvereniging van Bersaba. Het dansen met de doodskist is het hoogtepunt op de Drageman Dey. Er zijn daarvoor eerst een kerkdienst, enkele rituelen en een gezamenlijk lichte maaltijd vooraf gegaan. De eerste groep heeft de toon gezet. Maar al gauw werd de lat hoger gezet door de volgende groepen. De muziek en de ‘kot koties’ van de dragers zwepen het publiek op. De conferencier moet aan het begin enkele keren oproepen om het pad van de dansende dragers vrij te houden. Maar het blijkt moeilijker te zijn dan gedacht om niet met de dragers mee te gaan, liefst swingend en zingend.
“Ik ben trots op hoe het gegaan is vandaag,” uit Elviera Sandie, voorzitter van het plantagebestuur, zich. “Het was geweldig. De tradities zijn heilig op de plantages. De dood is voor ons een moment om grani te geven aan de overledene. Dit is een aspect daarvan. Er is ook verjonging te merken, het voelt goed aan dat deze traditie niet verloren zal gaan.” Sandie is ook directeur van Cultuur. “Er zijn honderden bezoekers tot hier gekomen om deze cultuuruiting mee te maken. Dat zegt wel veel over dit geheel. Ik denk dat wij dit groter moeten gaan doen, het verdient een plek op een nationaal podium. Het zou een toeristische trekpleister kunnen worden.”
De zon schijnt overenthousiast, de hitte staat op de grens van ondraaglijk. Elke groep heeft vijf minuten om zijn kunnen te tonen. Maar bij sommige groepen sloeg de vermoeidheid toe voor de tijd om was. Maar dat weerhield hen niet om de routines af te maken. Af en toe was de show zo aanstekelijk dat de mensen zich weer achter de dragemans voegden. In sommige gevallen werd een drageman apart genomen om mee te dansen. Aan het eind van alle optredens zat een aantal dragers (en een cameraman) uitgeteld op verschillende plekken waar er schaduw en koelte was, om bij te komen. Omstanders hebben behoed dat de cameraman die dacht dat hij de zon kon trotseren, bewusteloos raakte.
Aan het eind van het evenement is het vaandel van dragerskorps overgedragen aan de groep van Marius Rust. Die organiseert de volgende Drageman Dey. Het is niet duidelijk of zij er weer een wedstrijd van maken. Marius Rust is overigens nog steeds de kampioen. Ze hebben tijdens het evenement ‘als een boss’ getoond waarom Marius Rust de tweevoudige kampioen is. Maar de andere groepen hebben laten zien dat ze waardige kandidaten zijn voor het kampioenschap.