Virtuele evenementen op Ketikoti

PARAMARIBO – Ketikoti wordt jaarlijks groots gevierd. Vanwege de Covid-19-maatregelen is het dit jaar niet mogelijk om Ketikoti-activiteiten te organiseren, waardoor de traditionele (en culturele) bijeenkomsten zijn afgelast. Maar 157 jaar afschaffing van de slavernij gaat niet ongemerkt voorbij. Diverse organisaties zorgen ervoor dat hun programma’s online zijn te volgen. 

Op 1 juli lanceert Naks een eigen YouTube-kanaal waarop filmpjes van de afgelopen Krioro wiki,  die rond 1 juli wordt gehouden, worden vertoond. Sherida Mormon zal een Tak Tangi-boodschap brengen. Op de Facebookpagina van Naks zullen ook filmpjes worden geüpload, houdt voorzitter Siegmien Staphorst de Ware Tijd voor.

De website wordt aangevuld met drie artikelen van professor Chan Choenni, die momenteel bezig is met een boek over Afro-Surinamers van 1863 tot 1963. “1 Juli is een dag waarop we terugblikken op een stukje geschiedenis die niet fraai geweest is. Onderdrukking en het lijden van voorouders, maar ook een geschiedenis van strijd en overwinning. Dit is zeker een gebeurtenis die steeds herdacht moet worden, om te kunnen putten uit de kracht van onze voorouders, zodat we een bijdrage kunnen leveren aan de ontwikkeling. Deze dag kan en mag niet ongemerkt voorbijgaan”, zegt Staphorst.

Theater Thalia heeft in samenwerking met Ketikoti Tilburg een programma samengesteld van lezingen en debatten over het slavernijverleden, maar ook het vertonen van korte filmopnames alsook een herdenkingsbijeenkomst. “Het is de bedoeling dat we de komende periode veel online-evenementen organiseren met verschillende partijen. Eén daarvan is Ketikoti Tilburg”, aldus Marvin Halden, sales en marketing manager van het toneelgenootschap. Alle activiteiten zijn te volgen via Zoom.

Via de website van Ketikoti Tilburg kunnen tot maximaal vijfhonderd man de ceremonie volgen. “Zolang de situatie niet is genormaliseerd, zullen we deze virtuele meetings blijven doen”, zegt Halden. Een andere reden voor onlinebijeenkomsten is dat Thalia sinds april 183 jaar bestaat. “We hebben de jaardag van het oudste theater in Suriname niet groots kunnen vieren en fysiek bij elkaar komen, lukt nog niet, dus doen we het op deze manier. Wanneer alles is genormaliseerd, willen we een mix van beiden doen”, zegt Halden.

BRON: De Ware Tijd 01/07/2020 10:33 –

Zunder: Excuses en Reparaties slavernij onlosmakelijk

Bron: Starnieuws, 12 Jun, 02:04
Midden in de crisis die door de corona-pandemie is veroorzaakt, maakte de Gemeente Amsterdam medio maart bekend dat de festiviteiten rond de 1 juli herdenking in het Amsterdamse Oosterpark dit jaar om de ‘social distancing’ geen doorgang zullen vinden. Enige dagen daarna volgde een bekendmaking die verdergaande gevolgen zou hebben. De excuses voor het Amsterdamse slavernijverleden die sedert vorig jaar gepland waren om op 1 juli 2020 te worden aangeboden, zijn verschoven naar 1 juli 2021.
Van recentere datum is de motie die het PvdD-lid in de Eerste Kamer, Professor Mr. Peter Nicolai, op 10 maart in de Eerste Kamer heeft ingediend. Het doel van deze motie is om bij wet vast te leggen dat slavenhandel en slavernij als onderdeel van het racisme, het zich superieur voelen van de gekoloniseerde volkeren zaken zijn die in het verleden hebben plaatsgevonden, misdaden tegen de menselijkheid zijn. Verder pleit hij voor de oprichting en instandhouding van een Nationaal Monument Slavernijverleden, een Kennisinstituut over Slavernijactiviteiten en een Slavernijmuseum die in de wet moeten worden gegarandeerd. Ook heeft hij de minister van Justitie en Veiligheid gevraagd om uiterlijk binnen twee maanden aan de Kamer te rapporteren. Nicolai wenst op 30 juni, de dag voor de herdenking van het Nederlandse slavernijverleden de motie in de Eerste kamer goedgekeurd te krijgen.
 
Het besluit van de Gemeente Amsterdam voor excuses
Voor de Nationale Reparatie Commissie Suriname, NRCS, roept het besluit van de gemeente Amsterdam sedert de aankondiging in 2019 talrijke vragen op.
1. Waarvoor precies (op basis van welk dossier) wenst de Gemeente Amsterdam excuses aan te bieden voor haar betrokkenheid bij de slavenhandel en slavernij in Suriname;
2. Aan wie worden de excuses aangeboden en hoe is de formulering;
3. Waar, op welke locatie, wenst de gemeente de excuses aan te bieden;
4. Wat is het natraject;
5. Is de gemeente Amsterdam wel de meest geschikte partij om excuses voor het Nederlandse slavernijverleden aan te bieden. Waarom niet de Nederlandse regering, of een andere Nederlandse autoriteit;
6. Waarom worden de excuses slechts geconcentreerd op de Afrikanen en hun nazaten en niet ook op de Inheemsen, die door de Nederlandse kolonialisten in eigen land tot slaaf zijn gemaakt en vervolgens op uiteenlopende manieren zijn gemarginaliseerd? Waarom worden de misdaden die tegen de contractarbeiders in de koloniale tijd zijn gepleegd niet in de drang naar het aanbieden van excuses meegenomen;
7. Welke instantie is de officiële partij aan wie de gemeente Amsterdam denkt om de excuses aan te bieden. Deze partij moet ook bereid zijn om de excuses te aanvaarden namens de groep of groepen van personen om wie het gaat.
De opinie van de NRCS is dat de Nederlandse koning Willem-Alexander de excuses in Suriname vanaf het bordes van het Presidentieel Paleis namens de Nederlandse regering moet aanbieden. Bovendien moeten de excuses gepaard gaan met een programma voor reparaties. Het Caricom Tien Punten Programma voor Reparaties, dat mede door de voorzitter van de NRCS in Caribisch verband tot stand is gekomen, zou model kunnen staan voor het reparatieprogramma dat met de excuses gepaard moet gaan.
De motie 
Ook bij de bestudering van de motie van de hoogleraar valt op dat hij zich wenst te concentreren op het geweten en gemoed van de Nederlanders. Daar kan niemand bezwaar tegen hebben. De slavernij, de slavenhandel en de driehoekshandel hebben echter in Suriname en niet in Nederland plaatsgevonden. De miljarden opbrengsten uit deze afschuwelijke handelssoorten zijn gedurende eeuwen wel naar Nederland gestroomd en zijn daar geïnvesteerd, hebben werkgelegenheid gecreëerd en hebben innovaties in uiteenlopende verwerkingsindustriëen tot stand doen komen.
In diezelfde periode is er door Nederlandse koopliedenbankiers en Nederlandse regeringen nauwelijks in de kolonie Suriname geïnvesteerd. Bovendien zijn de gevolgen van het Nederlandse kolonialisme op uiteenlopende gebieden nog duidelijk zichtbaar in allerhande achterstanden in het culturele, psychologische en sociaal-economisch leven in Suriname.
Het is daarom aan te bevelen dat de professor zich niet slechts beperkt tot een aantal tastbare zaken die in een wet moeten worden opgenomen, maar serieuzer en vanuit een breder internationaal perspectief met deze materie omgaat.
Onder serieuzer verstaan wij van de NRCS dat het de professor zou sieren om overeenkomstig de ‘Durban Declaratie’ van 2001 in de wet voor te stellen dat de Nederlandse regering naast excuses voor haar afschuwelijke slavernijverleden ook komt met een programma voor reparaties. Ook in deze casus kan het Tien Punten Reparaties Programma van de Caricom als voorbeeld dienen.
Huiswerk voor Suriname 
In het Caribisch gebied, in diverse Zuid-Amerikaanse en Afrikaanse landen, in India, Europa en de Verenigde Staten is de gedachte van reparaties voor het slavernijverleden en/of het koloniaal verleden en de hedendaagse gevolgen daarvan al goed op gang gekomen. Opmerkelijk was de resolutie van het Europese Parlement van 19 maart 2019 met tal van aanbevelingen op het gebied van genoegdoening voor het Europese slavernijverleden.
Zo langzamerhand begint het er op te lijken dat gezagdragers en NGO’s in Nederland met het Landelijk Platform Nederlands Slavernijverleden met Dr. Barryl Biekman aan het hoofd, voor wat het slavernijverleden en genoegdoening daarvoor enkele stappen vooruit lopen dan hun Surinaamse collega’s. De kloof kan en zou op korte termijn moeten worden ingelopen, aangezien de wandaden in de koloniale tijd in Suriname hebben plaatsgevonden.
Zeven leden uit De Nationale Assemblee van de coalitie en de oppositie zouden hiervoor met een initiatiefwet moeten komen die ingaat op het vraagstuk van slavenhandel, slavernij en contractarbeid in de koloniale tijd. Als genoegdoening hiervoor zouden excuses en reparaties van de Nederlandse en Engelse regering moeten worden geëist voor hun afschuwelijk koloniaal verleden en de gevolgen daarvan. Suriname hoeft hiervoor het wiel niet opnieuw uit te vinden, omdat Jamaica deze weg al enkele jaren geleden heeft gevolgd. Ook het buurland Guyana heeft overigens nog recent een ‘Reparations Law’ voortgebracht.
Het wordt zo langzamerhand ook in Suriname tijd hiervoor!
 
Namens het Bestuur van de NRCS, 
Armand Zunder,
Voorzitter  

Tessa Leuwsha beschrijft beslommeringen op plantage Wildlust

 

DWT Online 21/05/2020 Audry Wajwakana

PARAMARIBO – Mensen gaan vaak met de beste bedoelingen een nieuwe uitdaging aan, maar als de realiteit anders is, moeten ze ook daarmee dealen. Dit overkomt de Nederlander Oscar Brouwer die in het begin van de twintigste eeuw een nieuwe start als plantagedirecteur wilde maken op plantage Wildlust.
De slavernij is voorbij en er zijn contractarbeiders aangetrokken voor het plukken van de koffiebessen. De zachtaardige man en zijn vrouw moeten hun weg zien te vinden in het (wrede) koloniale systeem. Met inlevingsgevoel schetst auteur Tessa Leuwsha in haar nieuwste pennenvrucht ‘Plantage Wildlust’ dat mensen zonder het te willen kunnen worden meegesleurd in een systeem, waar ze eigenlijk tegen zijn. ‘Plantage Wildlust’ is het vierde literaire werk van de auteur en wordt officieel op 5 juni uitgebracht.

De inspiratie voor dit verhaal vond ze in het archief van de familie Janssen, die voor ongeveer 75 jaar plantage Peperpot beheerde. “Van deze familie mocht ik talloze brieven en foto’s vanaf negentienhonderd tot ver in de twintigste eeuw doornemen, die mij een familie lieten zien die heeft geploeterd. Maar ik kreeg een eenzijdig beeld geschetst. Ik realiseerde mij dat de geschiedenis veel nuances en facetten kent en besloot een verhaal te vertellen waaruit blijkt hoe mensen op een plantage tot elkaar veroordeeld waren. Ze zaten letterlijk vast op die plantage, als in een kookoven en konden er niet uit. Dit gold voor de contractarbeiders, de huishoudsters, de opzichter en ook de plantagedirecteur met zijn gezin”, zegt Leuwsha.

In het boek heeft ze elk personage beschreven, dat een rol op de plantage speelde, om zo een breder beeld te creëren over het leven in een koloniaal systeem. “Het verhaal gaat niet over de familie Janssen uit Peperpot”, benadrukt de auteur. Met dit boek wil ze een inkijk geven in de persoonlijke verhalen van alle individuen op de plantage. Toen ze
bezig was met het archiefonderzoek wist ze eerst niet wat ze met de gegevens moest. Pas later besloot ze er een roman van te maken, gebaseerd op feiten. “Een roman geeft mij als schrijver de vrijheid om verhalen van personages op een plantage te vertellen.”

‘Plantage Wildlust’ gaat ook over de schoonheid van de prachtige natuur, de rivier en de woeste kust en de schoonheid van ontluikende vriendschappen tussen mensen aan beide kanten van het systeem. “De geschiedenis was niet alleen wit-zwart; haat en liefde lagen soms dichtbij elkaar. Met dat gegeven heb ik een spannend en aangrijpend verhaal willen maken”, zegt Leuwsha. Het verbaasde de auteur hoe gemakkelijk mensen in de negentiende en twintigste eeuw grote besluiten namen om naar Suriname of Nederlands-Indië te emigreren vanuit persoonlijke overwegingen, zonder dat zij een idee hadden wat hen daar te wachten stond.

“Vrijwel niemand vroeg zich af: wat hebben we daar te zoeken? Hoe verhoudt mijn aanwezigheid zich tot de mensen die er al wonen? Ben ik geschikt om mensen onder de duim te houden? Kan ik er aarden? Dit verklaart misschien ook de extreme wreedheid bij Nederlandse slavenhouders die je nu nog uit vonnissen van die tijd kunt lezen, maar ook later ten tijde van contractarbeid. Ik zie er frustratie in over de eigen teleurstellingen en beperkingen. Je zat daar, je kon niet terug. Er was alleen maar die oogst en die handel; weinig wat de ziel streelde”, zegt de auteur.
De schrijfster heeft een foto uit het familiearchief als voorkaft gebruikt, die ze koos om de verschillende contrasten te kunnen laten zien. Een zwarte huishoudster zonder schoeisel, die blanke kinderen met schoeisel liefdevol vasthoudt en een Hindostaanse man ernaast, die in het verhaal een bijzondere rol vervult. Leuwsha: “Die foto laat de verschillende etniciteiten zien en het verschil in status. Een huishoudster had een betere status dan een arbeider die in het veld werkte. De witte kinderen hadden het veel beter, maar zaten ook op die plantage, waar ze dagelijks met elkaar te maken hadden op een plek waar voortdurend opstanden dreigden.”

De auteur presenteert het boek na afloop van de tweejaarlijkse Cola Debrot-lezing die zij dit jaar verzorgt. De lezing wordt georganiseerd door de Werkgroep Caraïbische Letteren in samenwerking met de Openbare Bibliotheek Amsterdam (OBA). Doordat er vanwege de Covid-19-pandemie geen fysieke aanwezigheid zal zijn, is er een onlineversie gemaakt. Aansluitend op de lezing vindt de boekpresentatie plaats, waarbij Leuwsha geïnterviewd zal worden.

Hein Eersel 98 jaar: ‘Een zeer deskundig man maar nooit belerend’

Uit: De Ware Tijd, 09/06/2020 22:11 – Tascha Aveloo  

Hein Eersel 98 jaar: 'Een zeer deskundig man maar nooit belerend'

klik voor meer  meer...

Hein Eersel, 98 jaar and still going strong. Foto: dWT Archief

PARAMARIBO – De lange, statige en welbespraakte Hein Eersel viert dinsdag zijn 98ste verjaardag. Bijna een eeuw in leven is hij zeer blij met dat heuglijk feit. “Of ik de honderd haal? Dat weet ik niet, zolang ik gezond ben waarom niet”, lacht hij guitig.

Behalve wat moeite met het horen en het wat trager praten, is Eersel nog steeds zeer helder van geest. De Neerlandicus heeft zijn leven gewijd aan de ontwikkeling van taal in Suriname met name het Sranan en het Surinaams-Nederlands. Onlangs nog had hij zitting in het adviesteam Cultureel erfgoed en was hij leidende figuur bij de groep Sranan Grammatica bij de culturele vereniging Naks.

“We kennen ‘Oom Hein’ – zoals we hem liefkozend noemen – al tientallen jaren hier en hij heeft heel veel werk verzet als het gaat om het vastleggen van het Sranan“, vertelt Naks-voorzitter Siegmien Staphorst. “We zijn blij dat we kunnen profiteren van zijn kennis en kunde. En dat hij een grote bereidheid toont om zijn kennis over te dragen op een hele prettige manier.”

Volgens Staphorst is oom Hein een heel prettige persoon in de omgang met een goede dosis humor. “We noemen hem oom Hein vanwege zijn innemend karakter. Hij is een goeroe van de taal, maar ook een mens met veel empathie. Je wil graag ‘zijn nichtje’ zijn.”

Hoewel Eersel zeer deskundig is, komt hij nooit belerend over. “En dat is iets waar we hem zeer dankbaar voor zijn.” Zijn kennis van het Sranan en vooral de odo is enorm omvangrijk. Hij doorspekt zijn leersessies dan ook met het gebruik van deze odo om kracht bij te zetten aan hetgeen hij aan het uitleggen is. “Hij is echt een meester in de taal en kenner van de Surinaamse cultuur maar toch eenvoudig. Een fijne man waar we heel veel van leren.”

Naks-kinderen leren op recreatieve manier presenteren

17/05/2020 18:06 – Audry Wajwakana (De Ware Tijd)

PARAMARIBO – Heel zelfverzekerd stapt Shereen Awana (13) naar het midden van de zaal als haar naam wordt afgeroepen. Met een beheerste en luide stem introduceert ze zichzelf. Vaak zijn kinderen zenuwachtig wanneer zij moeten presenteren voor een publiek, maar daarvan was niets te merken bij de presentaties van vijf kinderen van de Naks-afdelingen zang, dans en theater, Naks Difrenti en Mi Agida-muziekschool.

Na een driedaagse training in public speaking door Fulgor Esajas van de Suriname Speaking Academy, mochten de kinderen hun theoretische kennis donderdag in Naks in de praktijk uitvoeren. Het publiek bestond uit ouders, verzorgers en enkele bestuursleden van Naks.

De training is ook gevolgd door Revansha Samson (12), Dichayra Derby (11) en de broers Roell (9) en Ivaro Wijngaarde (13). De presentatie van de jonge public speakers bestond uit een introductie, visualisatie en presentatie van een zelfgekozen thema. De thema’s van de presentaties varieerden van judo en de koto en angisa tot het bakken van een lekkere viadu en pannenkoeken.

De training moet het zelfvertrouwen van de kinderen vergroten en hen meer durf laten opbouwen, vertelt Esajas. Ongeveer zes jaar geleden is hij met dit initiatief begonnen, omdat hij gemerkt had dat kinderen op school presentaties moesten houden, zonder dat zij ervoor getraind werden. “Communicatie is de basis van het mens-zijn, omdat we sociale wezens zijn.”

Zelfverzekerheid

“De maatschappij leert je dat overal waar je komt je je moet kunnen presenteren. Bij een ontmoeting, op zoek gaan naar een baan, presenteren op school, als je een product wilt verkopen en nog heel veel meer. Ik vind dat je dit niet moet leren als je al wat ouder bent. Dit moet je van jongsaf leren, waardoor je zelfverzekerdheid en zelfvertrouwen ontwikkelt om voor een publiek te staan. Niet alleen voor publiek, want het gaat in principe om dat wij kinderen willen leren dat deze dingen belangrijk zijn om ongeacht waar ze komen te kunnen presenteren”, zegt Esajas.

De training werd verzorgd middenin een periode, waar de veiligheidsmaatregelen van het Nationale COVID-19 team verscherpt werden toegepast. Hierdoor moest Esajas ook de methode van lesgeven aanpassen naar een online cursus. De kinderen hebben de opdrachten gedaan met hun huisgenoten als publiek. “Op een praktische, concrete en recreatieve manier hebben we de kinderen de vaardigheid van presenteren aangeleerd”, zegt de trainer. Aan het eind van alle drie presentaties kregen de kinderen een certificaat.

Confrontatie

Frederik Wijngaarde heeft zijn zonen Roell en Ivaro aan de cursus laten deelnemen. “Het is nooit te veel wanneer je kinderen in een heel vroeg stadium confronteert met de realiteit op de wereld. De scholen die ze bezoeken, daar moeten de kinderen ook presentaties geven. Een paar van de presentaties heb ik op scholen meegemaakt en daar schort er een hoop aan.”

“De leerkracht op school heeft de kunde niet om de kinderen daarin te begeleiden. Omdat ik weet dat dit regelmatig op school voorkomt, besloten mijn vrouw en ik om de kinderen ook aan deze training mee te laten doen.” Ivaro hield een presentatie over het maken van een viadu en Roel over het bakken van pannenkoeken. “Mijn zonen zijn al vlot en vrij in het spreken en zich uiten. Ze kunnen hun mannetje staan”, zegt vader Wijngaarde.

 

 

Jaaroverzicht uitgevoerde NAKS activiteiten 2019

Beste NAKS Famiri
Hierbij een overzicht van de activiteiten die door NAKS zijn uitgevoerd in 2019.
Met dank aan alle hard werkende NAKSers, adviseurs en donateurs.!!!

Uw steun blijft broodnodig.

GRANTANGI!!!

JAAROVERZICHT NAKS ACTIVITEITEN 2019

 

 

NAKS Wan Rutu presents: Koto Prodo Challenge part 2

Tijdens de quarantaine periode, april 2020,  hebben enkele leden van NAKS Wan Rutu de bekende #dontrushchallenge omgezet in een Koto Prodo challenge. Binnen enkele seconden pronken ze in een van hun prachtigste koto’s. Hiermee tonen ze hun  waardering voor dit cultureel erfgoed.

Veel kijk plezier:

NAKS Wan Rutu presents: Koto Prodo challenge part 1

Tijdens de quarantaine periode, april 2020,  hebben enkele leden van NAKS Wan Rutu de bekende #dontrushchallenge omgezet in een Koto Prodo challenge. Binnen enkele seconden pronken ze in een van hun prachtigste koto’s. Hiermee tonen ze hun  waardering voor dit cultureel erfgoed.

Veel kijk plezier:

 

Mmanten Taki: 73 Jaar Naks

73 Jaar Organisatie NAKS.

De voorzitter van de organisatie, mw Siegmien Staphorst, was op bezoek in het programma Mmatem Taki van STVS. Ze heeft het over het werk van NAKS en waarvoor NAKS al 73 jaar aan de weg timmert.

“We zijn nog steeds in ontwikkeling en dat wat NAKS doet levert zeker een bijdrage”

STVS Journaal: Stamboomonderzoek ter versterking van het ” ik zijn”

Hier een reportage met de artistieke leider van NAKS Wan Rutu, dhr. Darell Geldorp.

Hij is geruime tijd bezig met het vastleggen van de stamboom van zijn familie. Verder legt hij uit wat het belang is van stamboom onderzoek.

Stamboomonderzoek