Benjamin Koningferander over de Arts en Crafts sector in Suriname

Benjamin Koningferander is manager van NAKS Makeda en van andere muziekbands. Maar hij is ook al 15 jaar actief in de Crafts sector. Enkele jaren geleden is hij ook begonnen met het vervaardigen van abstracte beelden.

Benjamin: “Na enige tijd ben ik over gestapt naar het vervaardigen moderne kalebas- en kokosnootproducten, zoals tassen, oorbellen, lampen, asbakken, armbanden en wanddecoraties, omdat deze sneller verkopen, dan abstracte beelden. Op een gegeven moment merkte ik dat ik -ondanks mijn inzet en betere verkoopcijfers- toch niet kon leven van de verkoop van handicrafts in Suriname. Ik ben toen naar Frans Guyana gegaan om marktonderzoek te doen. Daar kwam ik in contact met de stichting La Kas, die werkt met jongeren in muziek en kunst. Al gauw kon ik een samenwerking beginnen, waarbij ik heel veel handicrafts kon verkopen en ook achter kon laten in een bekende kunstwinkel aldaar. Hierdoor doe ik nu goede zaken en kan maandelijks spullen aanleveren en valuta (Euro’s) ophalen. Ik verzorg daar ook workshops en trainingen voor crafters en muzikanten.

Het grootste deel van de crafters, ongeveer 75% zegt dat ze handicraft als hobby beoefenen, terwijl ze ander werk moeten doen om te kunnen voorzien in hun levensbehoeften.  Een aanzienlijk kleiner deel van de crafters,  ongeveer 25% kan wel leven van deze vorm van kunst, omdat zij er een dagtaak van gemaakt hebben en continu produceren om hun producten af te zetten. Ik ben van mening dat deze situatie omgekeerd zal moeten worden door een goed overheidsbeleid en door bundeling van de handicrafters. Op die manier zal dan 75% van de crafters uit deze activiteiten voldoende verdienen om in hun levensbehoeften te voorzien.

Het is bekend dat het Directoraat Cultuur, dat een belangrijk onderdeel is  van het Ministerie van Onderwijs & volksontwikkeling,  vele pogingen heeft gedaan  om de craftsector tot ontwikkeling te brengen, door middel van workshops, trainingen, crafts markets en  crafts festivals. Het Directoraat heeft ook ertoe bijgedragen dat Surinaamse crafters  ons land konden vertegenwoordigen op buitenlandse crafts festivals. Maar er moet meer gebeuren.

Ik denk persoonlijk dat het ministerie van Onderwijs er goed aan zou doen om op bepaalde technische, middelbare en kweekscholen handicraftlessen te verzorgen, zodat jongeren al vroeg skills kunnen leren, zodat ze kunnen uitgroeien tot volwaardige kunstenaars.  Verder zal er  minstens een grote nationale kunstwinkel moeten komen in of dichtbij  het uitgaanscentrum, waar de meeste toeristen langslopen.
Verder is het belangrijk dat alle handicrafters zich bundelen in een sterke organisatie  om zodoende ‘power’ te krijgen om in groepsverband zaken te kunnen doen met de verschillende ministeries, het bedrijfsleven, banken, enz. Ook zullen crafters moeten netwerken om zodoende meer te weten te komen over andere handicrafters in andere districten en andere landen.
Op deze manier zal de crafts sector een ‘boost’ krijgen zodat de crafters die nu alleen maar parttime aan crafts doen, een volledige dagtaak ervan kunnen maken, de Surinaamse cultuur uit te dragen en voldoende inkomsten werven uit deze sector.