A KRIN DENKI FU WINTI

– Dorenia Babel & Julien Zaalman –

Anana Kedyaman Kedyanpo uit zich aan het leven en de mensheid op drie manieren.

1. Het scheppende vermo-gen: Nyamzangi

  • Dat is volgens de leer de kracht van de creatie. Door deze uiting van Kracht Anana bestaat het universum en bestaat de mens met alles waartoe hij in staat is. Met dit vermogen heeft Anana al­les geschapen.
  • De kracht van de creatie wordt in Winti door geestelijke invloeden uitgebeeld, die eveneens winti genoemd worden met hun eigen benamingen, zoals: leba, papawinti, bonsru.

2. Het vermogen tot levens besef oftewel Nyamkem-ponu

  • Dat is volgens de leer het vermogen van levenskracht, de kracht van het bewustzijn. Zonder dit vermogen was er geen leven mogelijk en zou het bewustzijn onvervuld blijven. De mens en andere levensvormen zouden niet in staat zijn te weten dat ze leven.
  • Met dit vermogen blaast Anana leven in alle wezens en gedaanten door hen met een bewustzijn te vervullen en hen daardoor de mogelijkheid te geven zich voort te planten. Zonder ver­vuld te zijn met deze kracht is het menselijke lichaam een levenloos omhulsel, een lijk.
  • De vervulling van Ny­amkemponu in de mens heet Akara.

3. Het vermogen onderscheid te maken: Odumankama

  • Volgens de leer is dat het vermogen van de intuïtie, het geweten.Door dit vermogen is de mens in staat om veranderingen en tegenstellingen in te zien. Dit vermogen van Anana wordt aangeduid als
  • Door het vermogen van onderscheid, weet de mens wat juist of onjuist, mogelijk of onmogelijk is. Door het gebruik van dit vermogen wordt de kracht van tegenstellingen zichtbaar. Dit maakt dat de mens zich bewust is van alles wat hij wel of niet doet en ontstaat er een goed of slecht gevoel.
  • Dit vermogen van Kracht Anana maakt dat de mens in staat is om daden te beoordelen. Dat is mogelijk omdat het vermogen om onderscheid te maken beweging brengt in het denken, waardoor er botsingen van tegenstellende gedragingen en/of veranderingen ontstaan.

Door dit besef is de mens in staat keuzes te maken die of positief of negatief kunnen zijn. Ook kan hij veranderingen inzien of die brengen in de dingen die veranderd moeten worden.

Volgens de leer is de mens door dit vermogen in zijn akara verantwoordelijk voor elke handeling en die hij pleegt of alles wat hij zegt. Door dit vermogen weet hij van nature of door het aan te leren, wie of wat hij is en waartoe zijn mogelijkheden leiden om een juiste invulling te geven aan het leven.

Deze drie uitingen van Anana staan niet los van elkaars beïnvloeding.

  • Er is altijd samenspel tussen mens en geest. Dat maakt dat het leven vele in- en uitgangen kent. En toch vernietigd het bestaan zichzelf daardoor niet. Integendeel er bestaat een absolute samengaan, zonder elkaar in z’n voortgang te hinderen.

Om het bovenstaande kort aan te geven, kan worden gezegd dat:
A Nyame via Nyamzangi (no. 1) de wereld geschapen heeft, via Nyamkemponu (no.2) door het bewustzijn het leven in wezens en gedaanten doet ontvlammen en via Odumankama (no.3) keuzes te maken die de kwaliteit van het leven helpen bepalen en dat door veranderingen het leven iedere dag anders wordt.

De geloofregels

Volgens de wintiprincipes is er een constante samenspel tussen mens-geest-mens en geest-mens-geest. Hierdoor is het belangrijk te weten wat de innerlijke en uiterlijke waarde van het geloof is.

In de wintikampu wordt de mens via de kot’luku geleerd welke winti hij heeft en hoe hij daarmee moet omgaan. Hij krijgt te horen dat via z’n akra de winti geleid worden. Bestaat er tussen akara en winti een juist samenspel, dan is het leven van zo iemand in samen­hang met hetgeen hij wil hebben. Belangrijk is dat de mens zichzelf moet opvoeden om kaseri (rein) te blijven.

Een van de basiszaken van het leven is het besef van de realiteit die het menselijke bewustzijn in alles voedt. Door de realiteit weten mensen waarmee ze bezig zijn en kennen ze hun begrenzingen. Niets gaat buiten de realiteit om. Het besef van de realiteit leeft in de akra als een gegeven en biedt de mens de mogelijkheid de werkelijkheid in te zien, waardoor hij vrij is er wat van te maken.

Op grond van de realiteit kent Winti regels die het geloof begrenzen. Deze regels zijn menselijke beschouwingen, waarvan verantwoordelijkheid, aansprakelijkheid, plicht, plichtsbesef en het geweten belangrijke pijlers van zijn.

  1. Het besef van Anana Kedyaman Kedyanpo. (Dit is de waarde van het geloof dat in ieder mens leeft, als te zijn een anker van zijn bewustzijn, zijn akra).
  2. Het besef dat het geestelijke leven in harmonie moet zijn met de vele gevoelens, wensen en grieven en dat uitstraling hier van in het leven moet zijn terug te vinden. (Dit besef maakt dat de behoefte van communicatie, veiligheid, zekerheid en het opdoen van kennis en weten aanwezig is bij de mens en dat een leven zonder goede vooruitzichten geen zin heeft.)
  3. Het besef dat dwingt om te voldoen aan zowel morele als spirituele verplichtingen.
  4. Het besef dat alles een tegenstelling heeft of aan verandering onderhevig is. (Bijvoorbeeld: goed – slecht, rijk – arm, ziek – gezond, opbouw – afbraak, leven – dood.)
  5. Het besef dat leven meer is dan het menselijke leven.  (Niets staat los van elkaars beïnvloeding).
  6. Het besef te leven als deel van de schepping en weten onvolmaakt te zijn. (Door dit besef weet de mens wat te doen om doelen uit te zetten en die te bereiken.)
  7. Het besef dat Anana Kedyaman Kedyanpo nooit zal op houden te bestaan (Met dit besef begint en eindigt de menselijke beschouwing van het leven en weet hij dat Anana het begin en het eind van dit bewustzijn is).

In een nadere uitwerking van het 3e besef liggen de zeven principes van het leven ingesloten, waar een mens van nature bewust van is. Dat zijn:

  1. DE BEVRUCHTING: het goede voorop stellen van het kwade en zorgen voor nageslacht.
  2. DE VOORZIENING: hetgeen voorzien is om ordenend te zijn, onheil af te wentelen, doelen nastreven en zichzelf onderhouden.
  3. HET MEDELEVEN: de basis voor het sociaal gevoel
  4. HET VOORBEELDIGE: zelf rolmodel zijn of opkijken naar het goede.
  5. DE STRIJDLUST: het innerlijk streven om niet op te geven (doelen stellen en volharden), het vuur van binnen brandend houden.
  6. DE VERWACHTING: hoopvol de toekomst tegemoet zien. vooruitdenken en plannen.
  7. DE ONWETENDHEID: wij weten niet alles. Ondervinding leert ons de beste leermeesters te zijn.

De geloofsregels geven aan dat het niet gaat om het simpele denken ‘a bigi winti di e kisi mi’. Het gaat hier om basiszaken die de levenswijze op grond van het besef ordenen. Door deze principes weet iedereen wat zijn taak en plaats is in het leven.

Huwelijksambtenaren

Het wintigeloof heeft zich tijdens de slavenperiode in alle mogelijke facetten van het geloofsleven ontwikkeld. Winti is uit een rein geweten voortgesproten, in een periode van onderdrukking en menselijk leed. Winti heeft de westerse druk, het koloniaal denken en de bevechting van het christendom overleeft.

In 1971 werd het verbod op het houden van Wintiprey opgeheven door het schrappen van de bepaling afgoderij in het wetboek van strafrecht, waarmee Winti door de toenmalige koloniale overheid geassocieerd werd. Thans zijn er huwelijksambtenaren benoemd, die vanuit de Wintireligie mensen mogen huwen. Daarnaast zijn er nog meer ontwikkelingen op dit gebied gaande die Winti uit de taboesfeer halen.

Ten laatste is elk leven, elk mens bewust of onbewust wintigelovig. Dat hoeft hij niet toe te geven. Het feit is, dat:

  1. Ieder mens de drang heeft te willen voortleven. Dat is overtuigd zijn van het leven.
  2. Ieder mens een akara heeft die zijn leven regelt. De akara maakt de mens zelfbewust.
  3. De akara van ieder mens wordt omgeven door winti (andere delen van Kracht Anana waar de akara zelf deel van is).
    (Uit de winti put de mens z’n creatiemogelijkheden en is hij zelf­scheppend.)
  4. Ieder mens wordt gedreven door de gedachte, Het Denken. (Door na te denken wordt het leven op allerlei mogelijke manieren beleefd).
  5. Ieder mens weet onderscheid te maken, heeft een geweten en is waar dan ook in staat veranderingen in te zien of die aan te brengen.
  6. Ieder mens maakt gebruik van goed en kwaad om te leven.

Bovenstaande samenvatting geeft aan de werkelijke waarde van Winti ten opzichte van het leven.