Trendsetter Donovan Landveld wil unieke producten maken

Een vrouw past een beschilderde rok die zij heeft gemaakt tijdens een les van Donovan Landveld. Foto: collectie Donovan Landveld

PARAMARIBO – De cursisten zitten ernstig voorovergebogen over hun werk: een lap effen stof of pangi. Eén persoon is bezig het motief te tekenen, een ander is bijna klaar met het beschilderen van haar kledingstuk. “Je kan hier wat donkerder maken. Waarom kies je geen geel?” adviseert Donovan Landveld één van de vrouwen. Sedert september verzorgt hij textiel-verflessen.

“Ik ben van jongs af aan bezig met tekenen en schilderen maken, gewoon met mijn eigen ideeën. Zelf heb ik geen cursussen gevolgd, maar door voortdurend te oefenen heb ik dit niveau bereikt.” Landveld is geboren in Village Chinois, Saint-Laurent du Maroni en is opgegroeid te Maripasula. “Maar ik ben trots op Surinamers, want ik merkte dat zij hun schulden betalen, maar die mensen daar, soso probleem om je geld te krijgen. Ik stuurde vaak spullen naar Suriname om te verkopen, waarmee ik meer verdiende dan bij de Fransen. Daarom heb ik besloten om hier naartoe te verhuizen.”

De jonge entrepreneur is heel actief. “Men ziet me komen in de buurt en verder de hele dag niet. Ik ben dan binnen, bezig met tekenen en ontwerpen. Men dacht dat ik een ‘lege fles’ was en men zei ‘a boi no e wroko’, maar ik weet wat ik doe.” Landveld is erop gebrand om te laten zien wat hij kan. In de vakantie gaf hij les aan kinderen op de Openbare School Raka Raka te Flora waar hij woont. “De eerste dag was er maar één kind, maar na enkele dagen waren het er bijna dertig. Je moet niet opgeven als je in iets gelooft.”

De cursisten zitten op banken bij hem op het balkon, dat hij heeft omgetoverd tot een klaslokaal inclusief schoolbord. “Ik heb al het geld dat ik met de eerste serie lessen heb verdiend, geïnvesteerd in mijn zaak. Ik heb banken en stoelen laten maken zodat ik meer mensen op een betere manier kon opvangen.” Dagelijks geeft de kunstenaar les aan gemiddeld dertig personen. Een deel komt ’s morgens en een ander deel ’s middags. Landveld werd door velen bestookt met de vraag of hij geen les wilde geven.

“Ik herinnerde me dat toen ik op het mulo zat, een paar kinderen me vroegen om les te verzorgen en dat is goed gegaan. Dus ik dacht: ‘waarom niet’. Ik heb een post gezet op Facebook en tot nu toe bellen dagelijks mensen die les willen volgen.” Er zijn cursisten die al voor de derde sessie bij hem komen met slechts één doel: meer leren. “Ik heb zelfs mensen uit Brokopondo en Moengo die les volgen.” De cursus duurt vier weken en de mensen leren de basistechnieken van tekenen, schetsen, compositie, kleurgebruik en hoe een uniek product te maken. Landveld houdt van het maken van unieke pangi .

“Mijn vrouw borduurt, maar ik maak de tekeningen en schilder. Te Maripasoula was ik één van de meest bekende pangi-makers. Het rokgedeelte in tembepatroon van de winnares van de Miss Marronverkiezing en de pangi van de winnares van Sa N’dyuka Uma heb ik gemaakt”, vertelt hij bescheiden. De ontwerper bedenkt graag nieuwe dingen. “Wanneer mensen al bezig zijn mijn creatie eindeloos te kopiëren dan ben ik gewoon de trendsetter, die al bezig is met iets nieuws te bedenken. Je moet gewoon putten uit jouw creativiteit en telkens met iets bijzonders komen.”

Bron

‘Bigi Boi’ legt lat hoog

Jairzinho ‘Bigi Boi’ Rozenstruik (tweede van links) beantwoordt vragen van de pers. Aan de tafel zitten ook zijn trainer Michael Babb (l), manager Lou Di Bono (tweede vanuit rechts) en Barend van Dijk (r) die ook deel uitmaakt van het managementteam van ‘Bigi Boi’. Foto: Irvin Ngariman

PARAMARIBO – Jaren geleden droomde Jairzinho Rozenstruik ervan voet te zetten in de UFC-achthoek (octagon). Nu hij die droom heeft gerealiseerd, beseft hij dat er een nog grotere wens is die hij in vervulling kan laten gaan: verovering van de zwaargewichttitel in de Ultimate Fighting Championship, de grootste MMA-organisatie ter wereld.

‘Bigi Boi’ blikte vrijdag tijdens een persconferentie in Rooftop van Ramada Hotel terug op zijn overwinning een week geleden op de Wit-Rus Andrei Arlovski in Madison Square Garden (New York) en wierp tegelijk een blik vooruit in de nabije toekomst. Als alles zo voorspoedig loopt als in zijn afgelopen drie partijen zal het niet lang meer duren voordat hij zich de UFC-zwaargewichtdivisie eigen maakt. “Ik wil dit heel graag en doe er alles voor”, benadrukt Rozenstruik. “Ik train hard en geef samen met mijn team alles.”

De successen die ‘Bigi Boi’ onlangs boekte, voorspellen een rooskleurige toekomst voor hem in de UFC en de drie overwinningen op rij die hij boekte, zijn het bewijs dat hij het nog verder kan schoppen dan hij nu al gedaan heeft. Bovendien zijn er voor Rozenstruik voorbeelden te over waaruit hij motivatie kan putten. Neem maar zijn UFC-collega Israel Adesanya. De Nigeriaans-Nieuw-Zeelandse MMA-vechter is momenteel dé sensatie in de UFC, maar begon net als ‘Bigi Boi’ als een groentje in de MMA-organisatie van zakenman Dana White. ‘

‘De Adesanya van de heavyweights’

Net als Rozenstruik had Adesanya een indrukwekkend kickboksverleden waarmee hij eind 2017 een UFC-contract verdiende. Adesanya maakte begin 2018 een winnend debuut en won daarna nog vijf partijen op rij voordat hij in april interimkampioen werd in de middengewichtdivisie. Vorig maand werd hij de onbetwiste middengewichtkampioen nadat hij de Australiër Robert Witthaker versloeg. Net als bij ‘Bigi Boi’ eindigden ook de meeste gevechten van Adesanya in een knock-out. Kortom, de gelijkenissen tussen Rozenstruik en Adesanya zijn ook het UFC-publiek niet ontgaan.

“De UFCfans noemen me de Adesanya van de heavyweight-divisie”, vertelt de 31-jarige Surinaamse vechter met een glimlach. Maar dat compliment doet hem niet naast zijn schoenen lopen. “Het klinkt cliché, maar je moet gewoon hard blijven werken om je doelen te bereiken”, benadrukt hij. “Daar is de focus van mij en mijn team nu op. Ons doel is de title shot krijgen en zodra dat gebeurt gaan we ervoor.” Hoe snel Rozenstruik gelooft dat zijn ultieme droom werkelijkheid kan worden? “Ik denk zo snel als mogelijk. Eind volgend jaar is ‘Bigi Boi’ kampioen.”

Overeem

Maar voordat het zover is zijn er nog een paar stappen te zetten. De eerste volgt al op 7 december, want dan maakt Rozenstruik deel uit van het hoofdgevecht tijdens ‘UFC on ESPN‘. Hij neemt het die avond in de Capital One Arena in de Amerikaanse hoofdstad Washington op tegen Alistair Overeem. De 39-jarige in Engeland geboren Nederlander is geen onbekende voor ‘Bigi Boi’. “Alistair is een legende en heeft veel gedaan voor de gevechtsport, zowel kickboksen als MMA”, onderstreept Rozenstruik. “Van vechten tegen zo iemand kan je alleen maar beter worden. Ik wil tegen hem gewoon winnen en ga dat ook doen”, gaat hij zelfverzekerd verder.

UFC-ranking

‘Bigi Boi’ kan niet wachten tot het zover is, omdat een overwinning deuren voor hem zal openen. Verslaat hij Overeem, dan stijgt hij op de UFC-ranking in de zwaargewichtdivisie. Rozenstruik begon in februari als een unranked fighter  maar dankzij drie opeenvolgende knockouts (ko’s) tegen de Braziliaan Junior Albini (2 februari, 54 seconden in de tweede ronde tijdens UFC Fortaleza), de Amerikaan Allen Crowder (22 juni, negen seconden in de eerste ronde tijdens UFC Greenville) en Arlovski (2 november, 29 seconden tijdens UFC New York) drong hij de prestigieuze top vijftien binnen.

‘Bigi Boi’ bezet sinds deze week de veertiende plaats en houdt in de top 15 de Amerikaan Maurice Greene achter zich. Diens landgenoot Daniel Cormier is de topgerangschikte vechter in de zwaargewichtdivisie, terwijl de Fransman Francis Ngannou en de Amerikaan Curtis Blaydes respectievelijk tweede en derde staan. Overeem bezet de zesde plaats. Indien Rozenstruik ook Overeem aan zijn zegekar bindt, is een titelgevecht niet meer ver weg. De volgende stap wordt naar het schijnt dan nog een gevecht tegen een top-ranked fighter.

‘Bigi Boi’, zijn trainer Michael Babb die hij als een tweede vader beschouwt en manager Lou Di Bono, hopen dat die tegenstander Ngannou zal zijn. De Fransman vocht voor het laatst in juni en heeft sindsdien geen match-up kunnen krijgen. Rozenstruik: “Hij is de persoon waartegen niemand wil vechten. Maar ik ben een KO artist en hij is een KO artist. Als je een bom wil creëren moet je mij tegen hem zetten en dan is het kijken wie als eerste afgaat. Ik ga sowieso voor de winst. Ik train hard en ik wil het graag.”

Verlenging contract

Voor nu mag Rozenstruik nog even genieten van een korte vakantie, maar binnenkort gaat hij weer hard aan de slag. Het houdt na het gevecht met Overeem nog lang niet op, want vrijdag zette hij tijdens de persconferentie zijn krabbel onder een nieuw contract bij de UFC. In de nieuwe verbintenis heeft de Mixed Martial Arts-organisatie de Surinamer voor zes gevechten vastgelegd. “Dat wil zeggen dat ze heel tevreden zijn met wat ik heb laten zien in de afgelopen periode. We hebben een goede deal gehad waarmee alle partijen blij zijn en voelen ons goed. Nu ga ik met mijn team verder werken om nog meer dromen te verwezenlijken.”

Bron

Surinaamse musicalacteur speelt eerste hoofdrol

De Surinaamse musicalacteur Juneoer Mers. Foto: Marlon Henry

PARAMARIBO – De Surinaamse musicalacteur Juneoer Mers speelt Ike Turner in ‘The Tina Turner Musical’. “Mijn eerste hoofdrol is een feit! Ik heb hard gewerkt om hier te komen, maar we zijn er nog niet. Ik ervaar het natuurlijk ook als een blessing. En ik waardeer dat ik mezelf nu op een andere manier kan neerzetten, waardoor ik anderen al is het maar een beetje kan inspireren”, reageert Mers tegenover de Ware Tijd.

Hij zegt de komende maanden te gebruiken om zich te verdiepen in het leven van Tina en Ike Turner. De rol van Ike is op zijn lijf geschreven. “Haha het zou wat zijn als die rol niet op m’n lijf geschreven zou zijn, aangezien Ike gezien wordt als een gewelddadige man, maar ik kan me wel goed voorstellen hoe ze geleefd hebben en de kunst is natuurlijk om dat zo goed mogelijk in de show te laten zien.”

Hiervoor had Mers in de musical ‘The Lion King’ gespeeld als Banzai, één van de drie hyena’s onder Scar. Mers is bij velen bekend als zanger ‘Baby’ van de entertainmentgroep 2FamousCRW.

De Nederlands-Surinaamse musicalactrice Jeannine la Rose speelt ook in ‘Tina Turner Musical’ als Gran Georgeanna (GG, de oma van Tina). De musical ‘Tina – De Tina Turner Musical’ zal vanaf februari 2020 in het Beatrix Theater in Utrecht, Nederland te zien zijn. Het wordt door Stage Entertainment Nederland geproduceerd. De show vertelt het levensverhaal van Turner dat begon in Nutbush, Tennessee, waarna ze wordt gevolgd in haar carrière.

Bron

Koto Museum viert tienjarig jubileum met bigi sma

Curator Christine van Russel-Henar drapeert een nieuwe angisa als schouderdoek bij een paspop. De angisa is speciaal ontworpen in verband met het tienjarig jubileum van het Koto Museum. Foto: Jason Leysner

PARAMARIBO – Het is alweer tien jaar geleden dat het Koto Museum de deuren opende. Dit heugelijk feit wil het museum niet ongemerkt voorbij laten gaan. Immers, het afgelopen decennium is het museum – dat bekendstaat om de expositie van en onderzoek naar de koto en de angisa (hoofddoek) – steeds gegroeid. “Dit hebben we allemaal te danken aan onze bigi sma’s. Zij hebben ervoor gezorgd, dat wij een heleboel intellectueel erfgoed van hen hebben kunnen erven.”

Curator Christine van Russel-Henar is met name dankbaar voor de verhalen die een belangrijke bijdrage leverden bij de totstandkoming van een angisa-tori-boek. “Tot heden kan ik ze benaderen voor advies hoe verder met dit cultureel erfgoed te gaan”, zegt Christine van Russel-Henar over eerder genoemde bigi sma’s. In verband met het jubileumjaar heeft het museum tal van activiteiten in de planning. Op 21 november, de feestdag zelf, worden de ouderen in de schijnwerpers geplaatst met een Bigi Sma Dey.

Van Russel blikt heel tevreden terug op de afgelopen tien jaren. In 2009 opende zij samen met haar kleindochter, Kaya, het museum dat toen nog aan de Paltan Tewariweg gevestigd was. Spanning alom: de curator had tien jaar lang naar dat moment van de officiële opening toegewerkt. De koto- en angisa-verzameling die ze grotendeels van haar moeder erfde, moest ze eerst inventariseren.

Met wijlen haar echtgenoot Carlo van Russel, werkte ze samen aan een ontwerp van het museum dat aan de voorkant van haar woonadres werd gebouwd. Het museum kreeg de zeer toepasselijke naam A Gudu Oso: de collectie vormt een ware rijkdom van grote historische waarde.

Het oudste kostuum dateert uit het jaar 1889. Vanwege de afstand en de drukke files besloot ze uit te kijken naar een ander pand. Vanaf 2015 staat het museum op het huidige adres: Prinsessestraat 43. “Sinds we naar dit monumentale pand zijn verhuisd, is het bezoekersaantal alleen maar toegenomen”, zegt Van Russel.

Het nieuwe pand is ook groter, waardoor naast de tentoonstellingen ook diverse andere activiteiten kunnen worden georganiseerd, zoals lezingen, discussieavonden en workshops. Het museum bood daarnaast een andere nieuwigheid aan: bezoekers konden zich vanaf dat moment in de ‘oude’ klederdracht laten fotograferen.

“Studenten vanaf de mulo tot de universiteit komen met allerlei vragen. Veelal gaat het niet alleen om informatie over de klederdracht zelf, maar ook over de cultuur. Wat is een aitidei, hoe doe je een singi neti, hoe werden mensen vroeger begraven. Hoe werd een fosten kotodansi gehouden? Mensen worden uitgenodigd voor een kotofeest en stappen bij ons binnen voor advies”, zegt de curator.

De koto staat momenteel in de schijnwerpers bij de Grote Suriname Tentoonstelling van De Nieuwe Kerk in Amsterdam en vanaf december 2019 in het Klederdrachtmuseum Amsterdam.

Bron