Norine Baarn (87) van NAKS gehuldigd met Andreaspenning op Internationale Vrouwendag

AMSTERDAM – Norine Antoinette Baarn is woensdag in aanmerking gekomen voor de Andreaspenning van Amsterdam. Ze kreeg de onderscheiding uit handen van wethouder Simone Kukenheim. Dit voor haar inzet voor de Surinaamse gemeenschap in Amsterdam.

Baarn heeft in de jaren zeventig en tachtig van vorige eeuw Surinaamse gezinnen begeleid die naar Nederland kwamen om een nieuw bestaan op te bouwen. Baarn hielp hen met het vinden van onderdak en gaf hen een vertrouwde basis in een vreemde omgeving.

Ook was zij betrokken bij de oprichting van de Stichting NAKS Nederland, die zich inzet voor de bevordering van de artistieke en culturele tradities van Afro-Surinamers. Als 87-jarige is Baarn op cultureel gebied nog steeds zeer actief en helpt zij mensen uit haar omgeving die het moeilijk hebben.

De Andreaspenning wordt toegekend aan personen die grote prestaties hebben verricht op sociaal, cultureel, maatschappelijk of economisch gebied voor Amsterdam met een landelijke uitstraling. En voor personen die zich minimaal tien jaar als vrijwilliger voor een maatschappelijk doel hebben ingezet. Amsterdamsdagblad.nl

Bron: De Ware Tijd d.d. 08/03/2019

Lees ook meer hierover op: The Black Archives

 

Voorzitter NAKS: “Onze zeer gewaardeerde Norine Baarn kreeg een welverdiende award. Wij feliciteren haar en zeggen haar dank voor haar bijna levenslange ondersteuning aan ontwikkeling en behoud van de organisatie NAKS.”

Onderzoek moet stadsslavernij Suriname blootleggen

PARAMARIBO – “Ieder plantagesysteem was afhankelijk van een stad, een bestuurlijk centrum. En in die stad had je ook slavernij en dat was ook zo in Suriname.” Dat stelde Karwan Fatah-Black tijdens een lezing bij het Nationaal Archief Suriname (NAS), schrijft het Nationaal Informatie Instituut (NII).

Fatah-Black, docent aan de universiteit van Leiden, gaf op 15 februari de inleiding “Eigendomsstrijd” – over slavernij, manumissie en emancipatie in Paramaribo. Fatah-Black onderzoekt de Nederlandse koloniale geschiedenis, in het bijzonder de slavernij. Hij verzorgt ook onderwijs over deze onderwerpen.

Bij onderzoek naar de slavernij is volgens de inleider altijd gekeken naar de plantages, maar niet naar het systeem dat de plantages bezat. Stadsslavernij zou altijd buiten beeld gebleven zijn bij historici. “Dat wil ik ook veranderen, omdat in die stad een vrije gemeenschap ontstond van gemanumitteerden, vrijgelatenen, die een weg naar vrijheid hadden gevonden en die eigenlijk de basis zijn gaan vormen van de groep die we vroeger wel stadscreolen noemden, dus de stedelijke Afro-Surinamers. En de geschiedenis van die stadsgemeenschap ontbreekt nog in de geschiedenisboeken”, vertelde de inleider volgens het NII.

Tanya Sitaram, hoofd Publieke Diensten van het NAS, ervaart het als positief dat er onderzoekers zijn, die graag meer over de Surinaamse geschiedenis willen vertellen en/of schrijven. Het Nationaal Archief biedt daarvoor de primaire bronnen. “Het is natuurlijk goed dat buitenlandse onderzoekers over Suriname onderzoek doen met de archieven, maar uiteindelijk is het onze geschiedenis en wij moeten het ook schrijven en herschrijven”, zegt zij tegen het NII.

De NAS-topper doet roept studenten en geïnteresseerden op. “Kom naar het nationaal archief en maak gebruik van die primaire bronnen die hier zijn en probeer ook vanuit jouw perspectief onderwerpen te belichten. Ook al is er al een onderzoek gedaan daarover. Je weet maar nooit wat jouw perspectief naar voren kan brengen of wat dat nieuwe is dat jij kunt vinden”, benadrukt Sitaram tegenover het NII.

De lezing van Fatah-Black is georganiseerd door het NAS in samenwerking met de studierichting Geschiedenis van de Faculteit der Humaniora van de Anton de Kom Universiteit van Suriname.

Bron: http://www.dwtonline.com/mobiel/?node=473936 d.d. 05/03/2019